Deel 1. Het pensioenakkoord: blik op de toekomst

Bestuursvoorzitter Govert van der Peijl over het nieuwe pensioenakkoord
“Begin juli 2020 stemden de sociale partners in met het voorstel van het kabinet voor een nieuw pensioenstelstel: Het pensioenakkoord. De invulling op hoofdlijnen is nu bekend. Het doel van een nieuw pensioensysteem is om de pensioenen af te stemmen op deze tijd en op de persoonlijke situatie van deelnemers. Zonder de fundering van solidariteit los te laten.  

Het bestuur van Bpf Beton werkt in de komende jaren de hoofdlijnen uit, samen met de sociale partners. We volgen de ontwikkelingen natuurlijk op de voet en inventariseren de gevolgen en wensen voor onze pensioenregeling. Daarna zetten we de noodzakelijke stappen van de oude naar de nieuwe regeling, zodat we uiterlijk op 1 januari 2026 klaar zijn. Uw belang staat hierbij altijd centraal.”

Indruk in de media

In de media lezen we berichten dat er groepen deelnemers zijn die erop achteruitgaan. Voor bepaalde leeftijdscategorieën is achteruitgang een risico. Dit is bij ons en bij de sociale partners volop bekend. Mocht dit het geval zijn, dan kan een eventuele compensatie onderdeel zijn van het traject. Want bij de invulling van het nieuwe pensioenstelstel nemen we de belangen van alle deelnemers mee.

Meer mogelijk met uw pensioen

Al langer is er behoefte aan meer mogelijkheden dan wat het huidige pensioenstelsel biedt. Het goede nieuws is dat bepaalde wensen in het pensioenakkoord staan genoemd, zoals:

  • Een minder snelle stijging van de AOW-leeftijd.
  • Eventuele extra mogelijkheden om eerder (gedeeltelijk) te stoppen met werken.
  • De wens om iets te regelen voor zware beroepen.
  • Minder invloed op het pensioen als u van baan verandert of zelfstandig ondernemer wordt.
  • De wens om van een deel van het pensioen een eigen ‘potje’ te maken.

Ook hiervoor geldt: Of alle wensen voor de Betonproductenindustrie ook realistisch zijn en betaald kunnen worden, is nog niet helder. Bpf Beton neemt alle wensen mee en kijkt wat wel en niet haalbaar is. In de komende jaren vertellen we u regelmatig hoe het gaat, welke keuzen we maken en waarom.

Collectief beleggen levert meer op

De verplichte deelname aan ons pensioenfonds via uw werkgever blijft bestaan. Zo kunnen wij de premie die u samen met uw werkgever betaalt collectief blijven beleggen. Het verleden laat duidelijk zien dat dit meer oplevert dan wanneer u zelf belegt, een pensioenverzekering afsluit, of het geld zelf opspaart. Als u nu met pensioen gaat, ontvangt u voor elke euro inleg tussen de 2 tot 2,5 euro uitkering . Dit is én blijft het grote voordeel van meedoen in een collectief pensioenfonds.

Verhogen en korten van pensioenen

Er is al jaren geen sprake meer van het verhogen (indexeren) van de pensioenen. Daarmee verliest u koopkracht. Gepensioneerden merken dat meteen in de hoogte van hun pensioen. Maar ook als u nog werkt verliest u koopkracht voor later.

In het nieuwe stelsel worden de resultaten van de beleggingen meer bepalend. Als het goed gaat is er eerder sprake van verhogen. Hier staat tegenover dat een slecht rendement eerder tot een korting op het pensioen kan leiden.

Jongeren versus oudere werknemers

In het nieuwe pensioenstelsel wordt de premie voor iedereen in een eigen potje gestoken. Het geld van een jongere werknemer kan dus langer belegd worden en zal meer opleveren dan voor de oudere werknemer. In het huidige pensioenstelstel is de opbouw van uw pensioen onafhankelijk van uw leeftijd. Afhankelijk van uw salaris bouwt u dan ieder jaar evenveel pensioen op. Dit heet de ‘doorsneepremie’, een term die u de komende tijd misschien vaker tegenkomt.

Invulling van de afspraken

Zoals eerder gezegd, worden alle hoofdlijnen komende tijd verder ingevuld door de cao-partijen. Via deze partijen krijgen werkgevers en werknemers in de Betonproductenindustrie nog veel mogelijkheden om afspraken op maat te maken voor de sector.

In deel 2 van deze serie, zetten we de meest gestelde vragen en antwoorden over het pensioenakkoord voor u op een rij.

    > Deel 2: Vragen en antwoorden over het pensioenakkoord

    > Deel 3: Het pensioenakkoord invoeren, duurt dat echt 5½ jaar?