Vut-regeling
De Vut-regeling wordt verzorgd door Stichting Vut voor de Betonproductenindustrie (VUB) en biedt werknemers de mogelijkheid om vervroegd uit te treden. De Vut-uitkering duurt tot 65 jaar.
Hoe hoog is de Vut-uitkering?
De Vut-uitkering is minstens 80% van de laatstverdiende vaste salarisbestanddelen.
Voor wie is de Vut-regeling?
Om van de Vut-regeling gebruik te maken gelden enkele voorwaarden:
- de werknemer is geboren voor 1 januari 1950 en
- heeft tussen zijn 30e en ingangsdatum VUT tenminste tien jaar bij een werkgever in de betonproductenindustrie gewerkt, waarvan minstens vijf jaar direct voordat de Vut ingaat, of
- heeft 40 jaar gewerkt bij dezelfde werkgever in de betonproductenindustrie
Wanneer start de Vut-uitkering?
| Geboortedatum werknemer | VUT-leeftijd |
| 1-1-1946 t/m 30-6-1946 | 60 jaar |
| 1-7-1946 t/m 31-12-1946 | 60 jaar en 6 maanden |
| 1-1-1947 t/m 31-12-1947 | 61 jaar |
| 1-1-1948 t/m 31-12-1948 | 61 jaar en 6 maanden |
| 1-1-1949 t/m 31-12-1949 | 62 jaar |
Uitstel Vut-uitkering
De Vut-uitkering kan worden uitgesteld tot maximaal 64 jaar en 6 maanden. De uitkering wordt daardoor niet hoger. Wel krijgt de werknemer extra ouderdomspensioen. De helft van de waarde van de niet-opgenomen Vut-uitkering wordt omgerekend in levenslang ouderdomspensioen. Het partner- en wezenpensioen wordt hierdoor niet hoger. Het extra ouderdomspensioen kan worden verlaagd als het pensioenfonds er niet goed voorstaat en alle pensioenen moet gaan korten.
Wie betaalt de Vut-regeling?
Alle werknemers en werkgevers in de betonproductenindustrie betalen Vut-premie. Deze premie wordt gebruikt voor de Vut-uitkeringen aan mensen die op dat moment van de Vut-regeling gebruik maken.
Geboren op of na 1 januari 1950?
Als een werknemer op of na 1 januari 1950 is geboren, kan deze vanaf 55 jaar stoppen met werken en het ouderdomspensioen laten uitkeren. Deze werknemers kunnen geen gebruik maken van de Vut-regeling.
Achtergronden Vut-regeling
De Vut-regeling in de betonproductenindustrie is in 1980 door bonden en werkgevers in de Cao geregeld. Bonden en werkgevers probeerden toen om vrijwillig vervroegde uittreding van oudere werknemers mogelijk te maken en zo plaats te maken voor jongeren. Oudere werknemers werden op deze manier de laatste jaren voor hun 65ste ontzien en jongere werknemers konden aan het werk.
De overheid wilde later werknemers ontmoedigen om eerder te stoppen met werken. Sinds 1 januari 2006 geldt de ‘Nieuwe wet VUT / prepensioen / levensloop’. Daarmee werden onder andere de fiscale voordelen van Vut en prepensioen verminderd of afgeschaft.